Europa·Londen·Verenigd Koninkrijk

Londen: bezoek aan St. Mary’s cemetery

Mijn grootmoeder heeft twee nonkels en een tante die ze nooit heeft gekend: twee broers en een zus van haar vader die beiden in Wereldoorlog I omkwamen, lang voor zij werd geboren. Foto’s zijn er niet, en er resten ons heel weinig gegevens van hen: enkel hun geboortedata en namen, meer niet.
Ik zette mijn tanden in het onderzoek om elk beschikbaar flintertje informatie bijeen te sprokkelen. Zo bezocht ik onder meer het 14-18 museum in Tildonk, in een poging een beter beeld te krijgen van het leven van de mensen die achterbleven terwijl de Duitsers onze steden en dorpen innamen.

De lege metro naar Kensal Green.

Joseph overleed in juli 1918 in Londen, volgens zijn soldatenfiche door een long- en hartaandoening. Lekker vaag allemaal, maar we leerden dat hij 1,72m groot was en kastanjebruin haar had. Hij trad begin 1915, toen hij nog net geen 18 jaar oud was, vrijwillig toe tot het leger. Na een toegestaan verlof in 1916 keerde hij twee dagen te laat terug naar zijn post en werd veroordeeld voor desertie tot 70 dagen gevangenis.
In datzelfde jaar raakte hij gewond te Boezinge, West-Vlaanderen en kwam hij zo vermoedelijk aan de andere kant van het Kanaal terecht waar gewonde soldaten in alle veiligheid weer op de been werden gebracht. Wat er in de twee jaren tot zijn dood verder nog gebeurde, heb ik niet kunnen achterhalen. Misschien is hij helemaal niet meer naar België kunnen terugkeren, hoewel hij in 1922 postuum het Oorlogskruis ontving, wat kan duiden op een moedige daad tegenover de vijand of een bewijs van goed gedrag gedurende drie jaar (vijf frontstrepen) aan het front. Ik vraag me af wat er met die medaille is gebeurd.
Joseph vond samen met enkele andere Belgische soldaten zijn laatste rustplaats op een Londens kerkhof, dat we omwille van de bereikbaarheid besloten te bezoeken tijdens onze citytrip in de zomer van 2018. Beetje vies gevoel want exact 100 jaar eerder overleed hij immers.

St. Mary’s Cemetery.

Hermina stierf eveneens in juli 1918 in Londen, enkele dagen voor haar broer, vermoedelijk aan een longziekte. Volgens een nicht van mijn oma zou Hermina in een munitiefabriek hebben gewerkt, maar waarom ze zo ver van huis en haar familie ging, blijft een raadsel. Zij vermoedt dat Hermina is overleden door vergiftiging omwille van het werken met zware metalen in de fabriek.
Elk spoor naar haar dat ik volgde, liep dood. Van een gewone burger werden uiteraard niet zo’n gedetailleerde gegevens bijgehouden als van de soldaten. Ze heeft zelfs geen eigen graf: ze ligt in Londen begraven op het Hendon Cemetery, en die hebben me kunnen zeggen in welke sectie, but that’s it.
We overwogen haar tijdens deze citytrip eveneens te bezoeken, maar dat zou opnieuw een halve dagtrip betekenen en was minder vlot bereikbaar dan St. Mary’s. Bovendien is er geen steen, niets om een boeketje bij neer te leggen.

Het monument voor de overleden Belgische soldaten op St. Mary’s Cemetery.

Louis stierf dichter bij huis, op het slagveld van Eke/Asper, Oost-Vlaanderen en ligt op een kerkhof in de buurt van Gent. Over hem is minder geweten dan over zijn twee jaar jongere broer. De naam Eke leverde me wel wat info op: hier woedden de gevechten begin november 1918 hevig.
Op 31 oktober wordt Eke ingenomen door het Franse leger, dat de Duitsers de rivier de Schelde overjaagt. Bedoeling is natuurlijk dat ze ook de andere oever zullen innemen, met zware bombardementen tot gevolg. Op 8 november lossen de Belgische Grenadiers de Fransen af, een hachelijke onderneming waarbij veel soldaten sneuvelen. Op dat moment was de oorlog een kwestie van heen en weer schieten want het einde was in zicht.
Op 10 november proberen zowel de Fransen als de Belgen de Schelde over te steken. Ergens las ik dat de Duitsers op dat moment al het bevel hebben gekregen om zich terug te trekken owv de nakende wapenstilstand, maar met niets meer te verliezen blijft hun artillerie vuren en middenin die zware gevechten sneuvelt onze Louis, met slechts luttele uren te gaan tot de officiële wapenstilstand.
Ik was er godverdomme niet goed van toen ik dit te weten kwam.
Voor hem werd er een terracotta beeldje gemaakt en ik zou héél graag weten wie dit nu in zijn bezit heeft, want eenieder die wou kon een beeldje oppikken, eender welk beeldje, en ik vind het jammer dat de beeldjes niet werden gemarkeerd en in de eerste plaats aan de nabestaanden werden geschonken. Gek systeem. Maar ergens staat dat beeldje nu in een living, en ik hoop dat ze het op z’n minst af en toe eens afstoffen.

De twee broers van mijn oma werden naar deze twee dappere soldaten, hun nonkels vernoemd. Op die manier leefden ze nog een beetje voort in onze familie, al heb ik hun verhaal nooit gehoord tot nu, honderd jaar na hun dood.

greater love than this no man hath. that a mand lay down his life for his friends.

Onze tweede dag in Londen begonnen we dus met een metroritje van een dik half uur in noordwestelijke richting, naar het orthodoxe Kensal Green Cemetery. We moesten een tijdje zoeken naar het Belgische monument want het stond niet aangegeven. Uiteindelijk vonden we het op een klein, apart kerkhof speciaal voor katholieken met enkele zeer oude graven.
Net om de hoek stond het sobere monument, naast de publieke toiletten maar niettemin indrukwekkend in zijn serene witheid.
We hadden bloemen gekocht bij een stalletje in Londen aan de metro-ingang en ik schreef een tekstje op het pakpapier dat, naar ik hoop, alledrie heeft bereikt daarboven, of waar ze ook zijn. Beetje dramatisch misschien, maar mijn bij momenten intense zoektocht van de voorgaande weken had hen eventjes dichterbij gebracht.

hier rusten Belgische soldaten die nadat zij in den strijd voor ’s lands onafhankelijkheid werden gekwetst in Engeland werden opgenomen en in die gastvrij land stierven. god schenke hun de eeuwige rust. België bewake trouw hun aandenken.
LEST WE FORGET.

Daarna was het tijd om Soho te gaan verkennen, maar da’s voor een volgend postje.

Meer lezen over ons vrouwenuitstapje naar Londen in juli 2018:

2 gedachten over “Londen: bezoek aan St. Mary’s cemetery

  1. Er was vanaf WO1 een heuse Belgische gemeenschap in de buurt van London. De Belg Charles Pelabon startte er een munitiefabriek in Twickenham. Daar werkten vele Belgische vluchtelingen, misschien ook jullie tante. Twee jaar geleden werd er een monument onthult ter ere van de Belgen. Wij waren erbij. Ze tonen daar nog veel respect voor de Belgen. We bezochten toen ook Kensal Green, toch wel indrukwekkend.
    Google op Twickenham Belgian village en je vindt veel info hieromtrent.
    https://focusonbelgium.be/en/facts/did-you-know-east-twickenham-was-called-belgian-village-thames-during-first-world-war
    https://www.amsab.be/en/over-ons/nieuws/426-gedenkteken-in-richmond

    1. dankjewel voor de tip! ik had die reeds van iemand anders gekregen (het red star line museum), maar dat was de dag voor onze londen-trip en ik besloot toen om alle losse eindjes te laten voor wat ze waren. eigenlijk zou ik de zoektocht gewoon weer moeten oppikken he? wie weet wat ik zo nog vind 🙂

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.